Gorinchem kent, net als andere gemeenten, jongeren met problemen, variërend van lichte zorgen over de eigen ontwikkeling en vrijetijdsbesteding tot meervoudige problematiek.’

Dit blijkt uit het onlangs verschenen rapport ‘Analyse situatie jongeren, aanbod en infrastructuur’. Aanleiding voor dit onderzoek was het incident in het Gijsbert van Andelpark in november 2019. De conclusie uit het rapport is dat de gemeente Gorinchem meer grip kan krijgen op probleemsituaties door meer preventie, eerdere signalering van jongeren met problemen en betere monitoring van deze jongeren.

In het onderzoeksrapport wordt gesteld dat jongeren met problemen, variërend van lichte zorgen over de eigen ontwikkeling en vrijetijdsbesteding tot meervoudige problematiek, een rol kunnen spelen bij het ontstaan van een incident zoals in het Gijsbert van Andelpark. Dit lijkt volgens de onderzoekers niet voort te komen uit structurele spanning tussen bepaalde (groepen) jongeren. Daarmee wordt niet gesteld dat dit soort incidenten in de toekomst niet meer kunnen plaatsvinden; iets ‘uitvechten’ zal voor een deel van de jongeren altijd een manier van conflicthantering blijven.Uit de analyse blijkt dat er nog winst is te behalen op preventie (positieve gedragsbeïnvloeding), signalering (van individuele problemen en spanningen) en monitoring van jongeren die reeds hulpverlening ontvangen (kans op negatief, op anderen gericht negatief gedrag).

Direct na het incident is de burgemeester van Gorinchem in gesprek gegaan met vertegenwoordigers van scholen, het jongerenwerk en andere professionals. Burgemeester Melissant-Briene: “Uit deze gesprekken en het rapport blijkt dat wij meer blijven investeren in preventie. Maar dat we ook moeten kijken of onze aanpak nog past bij de huidige leefwereld van jongeren, zoals de rol van social media.”

Wethouder van Doesburg: “Onze jongeren moeten de kans krijgen om zich positief te ontwikkelen. Wij zullen met onze partners de handen verder ineenslaan om de jongeren op een positieve manier te helpen bouwen aan zelfvertrouwen, (zelf)respect en een beter toekomstperspectief. Bijvoorbeeld door het aanbod van ons jongerenwerk aan te passen, vooral in relatie tot moeilijker te bereiken jongeren. Daarnaast zullen we, naast de professionals als jongerenwerkers en wijkagenten, ook scholen, verenigingen en ouders betrekken bij de signalering van problemen bij jongeren. We zullen meer activiteiten gericht op preventie gaan organiseren, zoals omgaan met groepsdruk. Dat gaan we doen in nauw overleg met de scholen en jongerenwerk. Wij kunnen niet de garantie geven dat het altijd goed gaat. En onacceptabel gedrag blijft onacceptabel’.